Anneke Beukers – column

lid Provinciale Staten

9 augustus

“Het komt wel goed Oma” zegt mijn kleinzoon, als ik zeg dat de vaat van het muurtje waait. Ik schiet in de lach. Vijf jaar, de rest is aan het gooien met een bal en ik heb me opgeworpen om de vaat te doen. Dat betekent met een teiltje naar het sanitaire blok klimmen en daar, veelal met anderen, af te wassen. Alleen gaat vele malen sneller dan met de hulp van een vijfjarige, maar dat laatste is uiteraard gezelliger. Er is verder niemand. Hij legt alles wat hij afgedroogd heeft op het muurtje dat om het blok staat, hetgeen betekent dat hij steeds verder weg moet lopen om zijn schone spullen nog kwijt te kunnen. Er staat bovendien een harde mistralwind, die de deels plastic vaat makkelijk kan doen wegwaaien.

Dezelfde middag zei hij bij het zwembad toen ik de mini tomaatjes uit mijn tas toverde: “kom maar op, ik ben er klaar voor”

Geen idee waar ze het vandaan halen, maar het blijft grappig. Ik houd erg van de gezamenlijkheid van een camping, mits ik maar niet hutje op mutje met de tent moet staan. Deze camping heeft grote plekken, relatief weinig plaatsen. Dochter, schoonzoon en kinderen staan met hun tent aan een andere kant van de camping en we zien elkaar bij het zwembad, het winkeltje of het sanitaire blok. Privacy en toch gezelligheid.

Kleindochter is hevig geïnteresseerd in allerlei beesten. Tot mijn grote schrik pakt ze griezels op om ze nader te bestuderen en zo komt ze meermalen met een enorme kever, spin of andere beest in haar handjes om ze te laten zien. Omdat ik het pedagogisch onverantwoord acht om te gillen, laat ik dat achterwege, maar ik heb het er niet op. Maar oma, ze doen echt niets, zegt de zesjarige. Mmm, mompel ik dan maar. Een steek of prik maakt haar niet schuwer; “dat kon de bij toch niet weten, dat ik niets zou doen”, is haar verklaring. Een moedige tante.

En dan is er de tweejarige die zindelijk gemaakt moet worden tijdens de vakantie. Een handig moment. Op een zeker moment begint hij te plassen en wordt hij vakkundig op het potje gepoot. Echter zijn piemeltje kiest een andere weg. Stop, roept hij zo hard als hij kan, stop. Het duurt nog even voordat hij door heeft dat hij rondom dat onderwerp zelf aan het roer zit.

Een week vertoeven we sinds een paar jaar samen, daarna vertrekken wij. Dat leidt ertoe dat de jongste een middag lang bij het zwembad elk grijs hoofd omhoogtrekt om te inspecteren of daar toch niet opa of oma onder zit. Daarna is dat verdriet al weer vergeten. Vakantie, heerlijk.

 

27 juli

Winkelen

Mijn moeder was dol op winkelen. Afkomstig uit de stad kwam ze na omzwervingen terecht in Zuid Oost Drenthe in de jaren vijftig. Nou niet bepaald een mekka van fijne winkels. Toen ze op latere leeftijd verhuisde naar een plaats waar een winkelcentrum was, waar je even een kopje koffie kon drinken en langs de kon winkels drentelen, was ze de koning te rijk. Helaas voor haar heb ik niets daarvan meegekregen. Ik begrijp de lol niet om vrijwillig in een winkelstraat te lopen als ik niets nodig heb. Is dat laatste wel het geval ga ik gericht ergens naar toe en probeer zo snel mogelijk een besluit te nemen. Boodschappen doe ik bijna nooit, maar ik ben wel blij, gezien ons drukke bestaan dat de vroegere winkeltijden zijn opgerekt. Overigens vind ik dat dit voor meer diensten zou mogen gelden, het is nogal vervelend dat ik vrij moet nemen om naar een tandarts, arts, pedicure moet gaan. Gelukkig zie ik daar ook beweging in komen. Zoveel mensen, zoveel zinnen. Buitengewoon verbijsterend lijkt mij dan ook de opstelling van het college van Twenterand dat vanwege van de kleur van het college zondagopenstelling van winkels verbiedt, daar waar de ondernemersvereniging Vroomshoop specifiek tot die uitkomst was gekomen. Democratie is meerderheid, rekening houdend met de minderheid.

Op de laatste Statenvergadering gebeurde iets soortgelijks. Wanneer een of twee partijen vragen een punt aan de agenda toe te voegen wordt dat door de regel gehonoreerd. In dit geval was hierover door 50+ en ons ook al ruimschoots van tevoren aan de andere partijen gevraagd dit te steunen. Onderwerp, de besluitvorming over de diepe ondergrond en de raadsbrieven van de gemeente Hardenberg en Enschede, waaruit bleek dat zij niet waren betrokken hoewel GS dit wel had beweerd. De coalitiepartijen, met uitzondering van de CU gaven geen antwoord. GS stuurde wel een brief. Op de Statenvergadering verhinderen drie van de vier coalitiepartijen gesteund door de PVV dat GS hierover wordt bevraagd. Ook een interpellatiedebat wordt door dezelfde partijen weggestemd. Terwijl een interpellatiedebat altijd wordt gesteund. Democratische spelregels die niet worden gevolgd, maar een macht van een meerderheid gebruiken voor een oneigenlijk doel, in dit geval een Gedeputeerde uit de wind houden, voorkomen dat er kritische vragen worden gesteld over haar optreden. In het geval van Twenterand, een bestuur dat er zit namens geheel Twenterand, een eigen godsdienstige opvatting opleggen aan anderen. Daar is democratie in mijn ogen niet voor bedoeld. Desalniettemin, je zult me ook op zondag niet zien winkelen

Anneke Beukers

 

12 juli

Schuld

In de winkel staat ze voor me. Ik zie haar nauwkeurig het geld uittellen, uit de bijna lege portemonnee. Mijn blik glijdt over de boodschappen op de band. Geen enkel luxe artikel, geen chips, (fris)drank. Ik ken haar van vroeger, weet hoe lang de weg geweest is om uit de schulden te komen. Tegenwoordig ziet ze er goed uit, al zal het geen vetpot zijn, ze redt het.

Vanuit mijn jeugd weet ik maar al te goed wat schulden zijn. De stress bij mijn ouders, angst om de huur niet te kunnen betalen. Het ene gat met het andere dichten herken ik. Ik herinner de tranen van mijn moeder toen mijn broer een gat in zijn door haar zelf genaaide nieuwe broek viel. “Ach kind”, zei ze, op zijn verschrikte gezicht.

Bij Jinek gingen twee goedverdienende Nederlanders “los” op het experiment met bijstandsuitkeringen door enkele gemeenten. Ik kan er slecht tegen, merk ik. De bijstandsuitkering is een standaardbedrag. De omstandigheden van de mensen die hier een beroep op moeten doen zijn echter allesbehalve standaard. De reden waarom ze het krijgen verschilt eveneens. Voor sommigen betekent het een tijdelijke opvang, voor anderen een situatie die tig jaren duurt, soms generaties. Bij het kijken naar de uitzending mis ik elke vorm van compassie of zelfs maar de moeite om je een moment in te willen leven. Het oordeel is klip en klaar. Uitvreters. Bijstand maakt mensen lui. Terwijl elk onderzoek bewijst dat dit grotendeels onwaar is. Armoede en vooral schuld maakt je gestrest. Heeft een behoorlijke impact op de gezondheid. Armoede maakt helaas ook dom. Concentratiestoornissen leiden tot slechtere schoolprestaties. Kinderen uit gezinnen met armoede en schulden hebben een slechte start. “Ondernemerszin wordt niet gestimuleerd met bijstand”, schampert men op de tv. Ondernemers? Schuld is een verdienmodel. Er zijn bedrijven die een schuld van €1000,- opkopen voor €40, om vervolgens die schuld tien of vijftien jaar later, wanneer iemand net de kop weer boven water heeft, te innen. Inmiddels is die schuld dan “opgelopen” tot duizelingwekkende hoogte, waardoor de getroffenen van het ene op het andere moment weer diep in de puree zitten. Dat noem ik misdadige ondernemers.

Armoede of liever gezegd de angst daarvoor is de voedingsbodem geweest voor mijn ambitie. Nog steeds antwoord ik wel eens, als iemand me vraagt, waarom ik (nog steeds) veel werk, dat ik me ooit heb voorgenomen nooit arm te worden. Tegelijkertijd weet en besef ik dat alleen ambitie niet voldoende is. Een beetje geluk, de juiste mensen die de hand uitstaken zijn van grote invloed geweest. Een barmhartige omgeving is een belangrijke voorwaarde voor succes. Die trof ik niet aan

 

 

1 juli 2017

Groepsfoto

Een Statenvergadering met bijna geen punten. Erg raar. En bij het enig belangwekkend punt, de bodem geeft de Gedeputeerde aan dat ze de gemeente goed meegenomen heeft in haar afweging wat waar in die bodem mag. Bestuurders (op de tribune) beweren het tegenovergestelde. Dat is niet alleen raar, dat is buitengewoon opmerkelijk.

Ook opmerkelijk. Inmiddels hebben we drie nieuwe fractievoorzitters en heeft afgelopen woensdag het tiende Statenlid het ontslag ingediend. Dat betekent dat ruim 20% van de Statenleden inmiddels vervangen is. En twee Statenleden worden vervangen wegens ziekte. Als je de website van de provincie bezoekt en de link Provinciale Staten aanklikt verschijnt er een groepsfoto waarop een flink deel van de mensen die er op staan inmiddels niet meer als Statenlid werkzaam zijn. Is het erg? Ja en Neen. Natuurlijk staat het iedereen vrij om te gaan en te staan waar hij wil. En op zich heeft eenieder ook een legitieme reden om te vertrekken, in ieder geval voor zichzelf. Echter, Statenleden worden gekozen voor een tijdperk van vier jaar. De kiezers zouden in principe erop moeten kunnen vertrouwen dat het gekozen lid zijn best doet om de periode vol te maken. Bij vertrek betekent het dat portefeuilles herverdeeld moeten worden, de woordvoerders veranderen. Kortom, niet alleen binnen de fractie waar gewisseld wordt heeft het veel impact, ook bij de andere fracties levert het gedoe op. Om nog maar niet te spreken van de inwerkperiode die nodig is om het politieke handwerk onder de knie te krijgen. We worden er met zijn allen niet blij van, maar het blijft bij die constatering.

Erg bijzonder is dat deze Statenperiode de werkbezoeken en infosessies niet voldoende bezocht worden. Vergeet men zich in te schrijven, is het niet interessant? Regelmatig worden leuk opgezette bijeenkomsten afgezegd vanwege te weinig belangstelling. De griffie is aan het zoeken naar een of meerdere redenen. De kleinere fracties is in ieder geval een mogelijke oorzaak. Je kunt maar bij een ding tegelijk zijn en op de woensdagen is het heel gebruikelijk dat er drie, vier of zelfs meer bijeenkomsten worden gepland. Maar ligt daar wel de oorzaak?

Iemand die vertrekt wordt toegesproken door de nestor. In ons geval is dat dhr. Van Dijk van de SGP. Op buitengewoon humoristische wijze weet hij het vertrekkende Statenlid te karakteriseren. Alleen daarom al zou je eerder willen vertrekken, verzuchtte iemand. Hij is al sinds mensenheugenis Statenlid en met zijn ervaring wijst hij regelmatig droogjes op een ordentelijke behandelwijze. Bijna niemand zit langer dan twee periodes, nu lijkt zelfs een periode al te lang. Ik pleit niet voor “plucheklevers”, maar iets meer continuïteit zou hoogst opmerkelijke zaken soms kunnen doen voorkomen.

 

30 mei 2017

Wat is er mooier dan extase

Drie weken geleden kwamen we terug van een weekje vakantie in Valencia. We landden relatief laat op Schiphol, tenminste als je de trein naar Almelo nog wilt halen. Vijf over tien ’s avonds en dan de trein halen van vijf over half elf. Het lukt. Op Amsterdam Zuid stappen veel jonge mensen in. Ik begrijp absoluut niet waarom op een maandagavond een trein zo laat in de avond zo druk kan zijn. Bij het volgende station wordt de aankondiging van het station voorafgegaan door, in mijn ogen “lawaai”. Ik denk eerlijk gezegd dat de conducteur per ongeluk een verkeerde speaker heeft aangezet, hoewel de hilariteit en het rumoer in de trein me beter had moeten laten weten. Bij het volgende station gebeurt hetzelfde, muziek, althans iets wat daarvoor door gaat en daarna de aankondiging van het station. We kijken elkaar eens aan. Een mevrouw tegenover ons verklaart op het zien van onze verbaasde blik dat de ingestapte jongelui concertbezoekers zijn en dat de speakers steeds een stukje van desbetreffende artiest te berde brengn en daarna, tot groot genoegen van het treinpubliek, pas het aanstormende station. Onmiddellijk begrijp ik het. Wat is er mooier dan een gedeeld concert of een voorstelling.

Twee weken geleden zag ik Herman van Veen in Hardenberg. Bij het liedje Anne voel ik tranen op mijn wangen, herinneringen aan lang vervlogen tijden, toen we ook in zijn zaal zaten. Zijn letterlijke roeren op de trom om een aanklacht te doen tegen de god die blijkbaar nog steeds verbiedt dat zijn Anne, nu een volwassen vrouw, met een vrouw getrouwd is, leidt ertoe dat ik weer natte ogen krijg.

Een bewonderd muzikant, die een zaal kan bespelen, ontroeren, aan het denken zet. De jongelui in Manchester gingen naar mijn stellige overtuiging ook voor dat gevoel, het gevoel dat je met zijn allen een ontroering deelt, of een extase, van iemand die je raakt. De artiest is tijdgebonden, het fenomeen niet.

En ik stel me voor dat je als ouder buiten staat te wachten, tot ze er uit komen.

Geen god, geen Allah zou die glans in hun ogen toch willen doven? Terroristen gebruiken geloof als dekmantel voor hun gemankeerde opvattingen. Juist Engeland kent dit fenomeen van aanslagen als geen ander, binnen dat continent waren de bloedige aanslagen van de IRA schering en inslag, een oorlog tussen christenen onderling, de katholieken en de protestanten. Althans zo waren ze tegen elkaar opgezet door politici. Laten we in vredesnaam stoppen elkaar wijs te maken dat terrorisme zijn oorsprong heeft in de beginselen van welke godsdienst

ook maar concluderen dat verdorven mensen, waaronder politici en machthebbers datzelfde geloof gebruiken als dekmantel voor hun eigen bedorven ideeën.

 

Anneke Beukers,

Staten.annekebeukers@hotmail.com