lid Provinciale Staten

Anneke Beukers – column

Anneke Beukers – column

Over Anneke Beukers – column

10 maart 

De Staten hebben reces, maar ik niet. Door de vakantiespreiding ben ik echter alleen druk op die scholen die open zijn; daarnaast wat extra tijd voor de kleinkinderen die vrij zijn, ook fijn. Logeren en schaatsen willen ze, voor bij ons op de Wieke. Dat kan. Hoewel de wind venijnige wakken heeft veroorzaakt, blijft er genoeg ruimte over. Ik loop een poosje met mijn schaatsen in de hand. Ze zijn wat vies en roestig. Ga ik, of ga ik niet. Een gemene val afgelopen zomer kostte me behoorlijk veel pijn en revalidatie. Een gebroken schouder op mijn leeftijd is geen kattenpis. En als ik weer val….

Ik besluit niet het risico te nemen. Dochter merkt plagend op: “nu word je echt oud, ik heb nog nooit gehoord dat je iets niet durft”. Ik zucht maar eens. Toen ik viel kreeg ik van ze uiterst kritische apps waarin gewezen werd op de gevaren van huiselijke ongelukjes wanneer je op een trap of zoals ik op een badrand ga staan en dan uitglijd. Het is ook nooit goed. Maar ik ga niet, dan maar oud. Ik wandel naast de kleintjes die voor het eerst op het ijs staan en honderd keer vallen, maar na twee dagen toch al behoorlijk in de benen blijven.

Oud, dezelfde week kom ik het nog twee keer tegen in mijn werk. Bij een nieuwe opdrachtgever krijg ik een gebruikersnaam en wachtwoord. Maar wat ik ook probeer, ik kom er niet in. Thuis niet, waar ik het in alle rust uitprobeer, ook daarginds niet. Ik begeef me naar de service desk van de organisatie. Ik overhandig het briefje met gebruikersnaam en wachtwoord en zie vervolgens dat de jongeman de gebruikersnaam aanvult met @…. “dat staat er niet bij” zeg ik, “ ja maar dat weet toch iedereen”, merkt hij op. Bah. Wat voel ik me dom en oud. Zo’n knulletje heeft in een minuut gefikst waar ik minsten een uur mee bezig ben geweest.

Met mijn andere probleem besluit ik maar naar de Apple winkel te gaan, waar ik een maand geleden mijn nieuwe lap top kocht. Want wat ik ook doe, ik krijg mijn bestanden niet op mijn externe geheugen. Dat doe ik braaf elke week, omdat in de bestanden veel informatie zit van klanten en ik niet wil dat dit lang op mijn laptop staat in verband met diefstal of iets dergelijks. Tegelijkertijd wil ik iets weer kunnen terugzoeken, dus als dat ding toch onverhoopt crasht… Time machine heet het, maar wat ik ook probeer, het doet niets.

De ijspret van de kleinkinderen lokt ook dochter en schoonzoon naar ons toe en de laatste is briljant met computers. ’s Avonds met een glaasje wijn denk ik er ineens weer aan. Kun jij er niet even naar kijken. Hij neemt het ding op zijn schoot en scrolt door de menu’s. Vreemd zegt hij, hij herkent de naam niet. Dan gaat hij razendsnel door programma’s en menu’s en verandert hier en daar wat en verklaart vrolijk: “zo, hersteld!”. Ik kan niet volgen wat hij doet of gedaan heeft en ik weet een ding zeker, om dat te kunnen leren ben ik veel en veel te oud.

 

2 maart

Winkel?

Ik houd niet van winkelen. Nooit gehad. Ik ga ergens naar toe als ik iets nodig heb, maar voor mijn lol flaneren in een winkelstraat is aan mij niet besteed. Vooral mijn moeder vond dat jammer, ze had zo graag een dochter gehad met wie ze naar de stad kon gaan.

De woensdag. Commissies, infobijeenkomsten en een extra presidium. Als ik een vergadering voorzit krijg ik de dag ervoor van de secretaris, een griffiemedewerker, een laatste update. De vergadering Ruimte en Water heeft maar twee summiere agendapunten, brieven die door een aantal Statenfracties zijn geagendeerd. Kan kort duren, er staat dus maar een uur voor ingepland. En dan blijken er plots drie insprekers. Een voor een onderwerp, niet op de agenda zijnde en twee voor de geagendeerde brief over het bedrijf Foto Konijnenberg in Twenterand. Om 13.00 uur begint de volgende commissie. Ik bel even met de griffie. Die zijn ook benauwd, ja, dat heeft niemand bedacht. Krijg ik de vergadering er met een half uur uitlooptijd doorheen?

Ik geef bij aanvang aan dat we tot 13.00 uur hebben en vraag om de nodige discipline van iedereen, want op schorsing en verplaatsing zit echt niemand te wachten.

Wel bijzonder vind ik het om eerst het bedrijf, dat ik natuurlijk ken en daarna de wethouder te horen inspreken uit mijn eigen gemeente met een problematiek die ik herken. De omgevingsvisie die detailhandel op een industrieterrein niet toelaat. Maar is dit wel detailhandel? Wat is nog een winkel tegenwoordig? 90% via internet, dat vraagt om veel “pakruimte”. Een andere en ruimere interpretatie? Maar ook een andere interpretatie moet je weer vastleggen. Liever een motie om nader te verkennen of we iets moeten met de huidige betiteling van wat detailhandel is. Dat geeft Twenterand lucht en geeft de Staten de gelegenheid om andere, nieuwe toetsingscriteria te overwegen. Liever goed dan te snel waardoor we over een half jaar met een ander bedrijf in de problemen komen, is de conclusie van de meeste Statenleden. Aan het eind concludeer ik dat de partijen met iets kunnen of moeten komen in de volgende Statenvergadering. Gezien de dialoog denk dat ze dat doen. Om 13.05 sluit ik de vergadering. Gered!

Stiekem vraag ik me af welke criteria mijn moeder me had kunnen aanreiken over winkels? Wat had ze gevonden van de digitale winkelstraat? Is lekker winkelen een valide criterium? Of voorziet de internetwinkel in mijn doelgroep, zij die precies weten wat ze willen, zoals een globe met een lamp voor de verjaardag van kleindochter, die ik in Twenterand niet kan krijgen. Geen idee of het uit een winkelstraat of pakhuis komt, dat kan me ook niet schelen. Het blijft lastig!

 

14 februari

Broodfonds

“Zou je iets voor ons kunnen doen rondom democratie”, zo luidde een vraag aan mij een aantal maanden geleden. Dit verzoek kwam van mijn pedicure. Ze is lid van een broodfonds. Dit is voor mij een nieuw fenomeen. ZZP-ers kunnen zich bijna niet verzekeren voor ziekte of tijdelijke onderbreking van hun werk. De premies zijn torenhoog, bovendien is er te weinig differentiatie mogelijk. Wil je bijvoorbeeld je hele inkomen verzekeren, of wil je de helft, of iets anders, wil je het voor een jaar, of langer of korter. Allemaal vragen waar een “gewone” verzekering geen antwoord op heeft. Hardenberg kent een broodfonds met 50 leden. Het is een soort coöperatie. Mensen leggen geld in, afhankelijk van hun eigen wensen. Het werkt goed, hoor ik. Nieuwe vormen van solidariteit, eigenlijk de wijze waarop ooit de onderlinge verzekeringen zijn ontstaan.

De broodfondsleden zien elkaar een aantal keren per jaar, rondom een thema. Twee leden organiseren de bijeenkomst. Doel is tweeledig. In de eerste plaats om iets te leren van zo’n bijeenkomst daarnaast een gelegenheid om elkaar te zien. Immers solidariteit vraagt om actieve betrokkenheid bij elkaar. Anonimiteit is de dood in de pot, is de redenering.

Ik denk niet lang na over de vraag en stel voor in Hardenberg iets te organiseren in het stadhuis. Daarna volgt een rondje bellen van mijn kant en zowel binnen het provinciehuis als binnen het gemeentehuis van Hardenberg ontmoet ik enthousiasme. Na enige voorbereiding hebben we een leuk programma in elkaar geknutseld waarbij ze in twee groepen kennis maken met zowel de provinciale politiek als de gemeentelijke politiek. ” Pro Demos”, de organisatie die dit ondersteunt heeft een thema voor die avond ontwikkelt, de vraag of er uitbreiding kan komen van een AZC in Hardenberg. Tegenover wellicht verminderd draagvlak staat dat uitbreiding financieel erg aantrekkelijk is, en hoe ga je hier mee om? De broodfondsleden spelen de gemeenteraadsvergadering na, Wethouder de Vent verdedigt het voorstel. In een andere zaal gaan ze met mij in debat over democratie in het algemeen en provinciale politiek in het bijzonder.

Natuurlijk willen ze ook weten “wat het schuift”, dat Statenlidmaatschap. Als ik het openbaar reageert een van de ondernemers, dat een voetballer in een amateurclub meer krijgt. “Maar die heeft ook meer tattoos dan ik”, reageer ik. Lachen. We hebben een super gezellige woensdagavond. Solidariteit en democratie, broodnodig in onze samenleving.

 

 

6 februari

Complimenten

Als waarnemer van de waarnemend Commissaris van de Koning zit ik nu voor de derde keer, de agendacommissie, het presidium en de Statenvergadering voor. Altijd leuk om te doen en er staat niet onbehoorlijk veel op de agenda. De agenda sluit rond een uur of vijf ’s middags en dat is ongekend. Ik krijg er complimenten voor, hoewel het toch niet vlekkeloos verliep. Ik heb bij de installatie van de twee burgerleden een verkeerde tekst voor me. Gelukkig zie ik het meteen en kan het herstellen. Desondanks dus een loftuiting.

Geen grote agenda, maar wel een aantal leuke onderwerpen waaronder de publiekscampagne voor het profiel van de nieuwe CdK. Onzin, er is toch al bepaald wie er komt, wordt er gezegd. Maar dat is niet waar. De nieuwe CdK moet aan een aantal voorwaarden voldoen, dat is duidelijk, maar het gedrag en de stijl die zij laat zien, daar valt veel over te zeggen. En ik zeg met nadruk ZIJ. Ik zou willen dat er uitdrukkelijk op zoek gegaan wordt naar een vrouwelijke CdK. Mijn reden daarvoor is dat wanneer dat niet expliciet gezegd wordt, het gewoon niet gaat gebeuren. De vertrouwenscommissie bestaat straks in meerderheid uit mannen, en die moeten van ons, burgers en dus ook vrouwen van Overijssel in mijn ogen een duidelijke opdracht meekrijgen. Op de site van Overijssel kun je een enquête invullen en laten weten hoe zij er uit zou moeten zien, ik zou zeggen DOEN!

Naast de provinciale politiek ben ik deze week druk met de lokale politiek. Dit begint op de maandag met de Herman Höfte lezing in Almelo, door Nelleke Vedelaar. Een hartverwarmende voordracht. Het eindigt op de zaterdagmorgen, waar we als Twenterand in Fini’s Hoeve de verkiezingscampagne aftrappen. Op maandag 5 februari moeten alle documenten ingeleverd zijn. Inmiddels is er een “proefinlevering” geweest en dan blijkt dat er toch nog hier en daar iets aan schort. Een datum, een handtekening, een naam niet helemaal goed gespeld. Complimenten voor de gemeente Twenterand die vanuit het ambtenarenapparaat dit uitstekend begeleidt. Dat hoeft niet. In de gemeente Hardenberg bijvoorbeeld is onze dochter met de inlevering belast. Daar moet ze heel wat werk zelf doen, dat bij ons in Twenterand gelukkig opgepakt wordt. Dat mag ook wel eens gezegd worden.

Ons verkiezingsprogramma is langs “het Taalpunt” geweest om het te laten screenen op leesbaarheid. Dat was dik in orde, sterker nog, we kregen een dikke pluim.

Kortom een week vol met complimenten, soms zit het mee, maar even van genieten

 

30 januari

Statistieken

De jongste kleindochter is nu twee maanden en ze is naar het consultatiebureau geweest. “Ze beweegt mooi binnen de grafiek”, vertelt schoondochter, duidelijk blij. Onze kinderen zaten qua lengte altijd aan de bovenkant van de tabel. Daarnaast zat het gewicht van onze zoon aan de onderkant. Die combinatie leidde nogal eens tot “paniek”, zeker bij een groeispurtje. Tegenwoordig is hij met zijn 1.97 m en 73 kg nog altijd aan de magere kant. Wel kerngezond. Grafieken, tabellen en statistieken zeggen iets, maar belangrijker is het om te kijken naar de werkelijkheid om te bezien welk risico je wilt nemen.

Ik zit woensdagmorgen bij een informatiebijeenkomst in Hardenberg. De CU en ondergetekende hebben aangedrongen op deze bijeenkomst vanwege de voorgenomen gaswinning in Hardenberg en omgeving. De NAM, Het Staatstoezicht op de Mijnen en het Ministerie van Economische Zaken nemen ons mee in grafieken en getallen. Hoe groot is de kans op een beving? Ze “bewijzen” dat dit verwaarloosbaar is. Hoe groot is de kans op schade? Bijna nihil. Bijna. Eenieder kent echter de werkelijkheid van Groningen.

De bijeenkomst duurt lang en is technisch van aard. Ze schetst duidelijk de verantwoordelijkheden van alle partijen in het proces. De informatie is nuttig en tegelijkertijd nutteloos. Met welke informatie kan de gemeente haar inwoners overtuigen dat de gaswinning een goede zet is? En datzelfde geldt voor ons Statenleden, wat is relevant? De relatie met onze inwoners maakt geen deel uit van de bijeenkomst. Het is aan het College van B en W en aan GS om die communicatie voor hun rekening te nemen.

Na afloop staan we nog een tijdje na te praten. Het leven is niet zonder gevaar en ik begrijp dat we moeten leven met aanvaardbare risico’s maar wat staat daartegenover? Als ik in het huwelijksbootje stap, neem ik bepaalde risico’s, uit de grafieken blijkt dat de kans op breuk groot is. Toch ben ik daar blijmoedig ingestapt, wetende dat er een contract onder ligt wanneer het niet zou slagen. De NAM wil op voorhand geen enkele contract tekenen, mocht het onverhoopt verkeerd aflopen. Geen schadeprotocol vooraf, geen garanties vooraf tot betaling van schade. Gezien hun overtuigende statistiek begrijp ik dat niet. Of zijn die grafieken bedoeld, zoals die van vroeger op het consultatiebureau. Ze hebben me gewaarschuwd dat het jong te mager was, dus als het mis zou gaan, dan waren zij in ieder geval gevrijwaard van schuld?

De infosessie in Hardenberg laat dit laatste gevoel bij mij achter, en dat is niet leuk.

22 januari 2018

Ik “mag” de hele dag invallen als voorzitter en dat vind ik interessant en een uitdaging. Omdat ik niet tegelijk woordvoerder en voorzitter kan zijn betekent dit voor mijn fractie echter een tandje bij zetten,

In de commissie Landbouw en Natuur zijn er drie insprekers aangemeld over hetzelfde onderwerp. Een onderwerp dat niet op de agenda staat. Het gaat over een boerenbedrijf waarvan de eigenaars vinden dat ze de dupe zijn van de gebiedsinrichting. Als ik voor de vergadering even kennis met ze maak en de procedure uitleg, zie ik hoe zenuwachtig ze zijn. Het is natuurlijk best eng om een commissie toe te spreken. Ik probeer ze op hun gemak te stellen. Behalve de boerin spreekt ook een adviseur en de voorzitter van het plaatselijk belang.

Ik roep ze een voor een naar voren, een indringend verhaal. Het blijkt dat ze in Overijssel wonen maar dat hun bedrijf onder de gebiedsinrichting valt van Gelderland. Bij grensgevallen neemt een van de twee provincies het voortouw. Ze zijn nooit, vertellen ze, door de provincie Gelderland op de hoogte gebracht van de plannen, ze hebben zelfs nooit bedacht dat plannen van Gelderland op hen van toepassing zouden kunnen zijn. Er is daarom geen zienswijze ingediend, hoe kun je immers een zienswijze indienen op iets waarvan je het bestaan niet kent? Een emotionele oproep van de boerin, gevolgd door een zakelijkere verklaring van de adviseur en de oproep door de voorzitter van het plaatselijk belang. Drie bedrukt kijkende kinderen op de tribune.

Normaal geef ik daarna de Statenleden de ruimte om technische of aanvullende vragen te stellen. Maar na de insprekers valt het akelig stil. De SGP woordvoerder vraagt om het onderwerp te “behandelen”. Daar heb ik bezwaar tegen, het is niet voorbereid door de Statenleden. Ik ben het echter met hem eens dat de gebruikelijke werkwijze hier tekort schiet. IJlings overleg ik met de Gedeputeerde naast me. Kan zij in ieder geval een reactie geven. Dat doet ze. Ze vertelt dat Gelderland niet kan besluiten als Overijssel medewerking weigert, maar ze geeft ook aan dat dit verhaal uiterst bevreemdend is. In overleg met de woordvoerders besluit ik tot een behandeling van dit onderwerp op de locatie, de familie heeft ze in de inspraak uitgenodigd om te komen kijken. Dan kunnen relevante stukken aangaande dit specifieke geval aangeleverd zijn, zowel uit Overijssel als uit Gelderland. De commissieleden en de insprekers reageren verheugd op dit voorstel. Daarna schors ik alsnog de vergadering voor een kwartiertje. Hoe het ook afloopt, dit is democratie op zijn best. Insprekers die gehoord zijn en zich gehoord voelen.

 

5 oktober 2017

Witte truien, Mooie pakken

In de trein loopt een man mij voorbij en schiet in de vrije plek achter mij. Meteen doet hij zijn jas uit, iemand die lang kan blijven zitten, veronderstel ik. Hij heeft een witte trui aan. Een prachtige trui, maar wit.

Als ik wel eens met mijn vriendinnen praat over mijn man of mannen in het algemeen dan komt het onderwerp kleding regelmatig voorbij. Meestal hoe onverschillig dan wel ruig ze met kledingstukken omgaan. Het ligt in een frommel in de hoek of op de stoel. De combinaties die ze bij elkaar kunnen uitzoeken moeten altijd eerst langs ons voor controle en als het echt niet kan, vergt dat enige overredingskracht om het kledingstuk weer uit te krijgen. Begrijpen doen ze het niet.

Een witte trui. Het zal wel een vooroordeel zijn, maar ik kan me niet bedenken welk type man bij zo’n onberispelijke outfit hoort. Of is het stiekem toch een smeerpoets?

Als ik iets geleerd heb in de politiek is dat niets is wat het lijkt. Achter elk probleem, achter elke opdracht schuilt een diepere reden, en soms wel meer dan één en doorgaans een lange historie. Afwegen, overwegen doorvragen ook.

In de Staten wordt lang stilgestaan bij de vliegroutes van Lelystad. Je ziet de verschillende partijen moeizaam een weg vinden. In 2006 heeft Balkende I de “Alders-tafel” ingesteld. In 2009 zijn er al vergaande besluiten genomen. Na het enorme gekrakeel en de grote verontwaardiging valt het wat stil. Langzamerhand daagt de wetenschap dat er niet veel meer te veranderen valt, dat we domweg te laat zijn. Wat valt er nu nog te repareren voor de mensen die overlast hebben? De fracties opereren soms samen en soms juist alleen om aandacht te vragen. De vraag of wij willen dat in Nederland het vliegverkeer en de vliegbewegingen aan banden wordt gelegd, wordt echter door weinig partijen gesteld. Toch lijkt mij dit de vraag die in eerst instantie beantwoord moet worden? Hoeveel vliegbewegingen kan Nederland aan? En als er steeds eenzijdig gekozen wordt voor economische belangen in plaats van voor welvaart en vooral welzijn, dan moeten die partijen nu niet heel hard schreeuwen. De PVV is het meest hypocriet. Ze zijn pal voor toenemend vliegverkeer, maar niet in Lelystad, dan hebben we er te veel last van. Ze dienen een motie in om de verantwoordelijk Gedeputeerde, lees de schuldige, aan te wijzen en pleiten er tegelijkertijd voor om de vliegbewegingen naar Twente over te brengen, dan hebben we zelf het economisch gewin en niet te lasten, immers de routes kunnen veelal boven Duitsland plaatsvinden. Maar Wilders zat in 2006 en in 2009 ook in de kamer en is mede verantwoordelijk, net als onze partij en alle grote partijen, dat er gekozen is voor groei van het vliegverkeer. Witte truien of mooie pakken, laat je niet bedotten.

Anneke Beukers,

Staten.annekebeukers@hotmail.com

 

27 september 2017

Brandweer

Op 9 november, een Statenvergadering dag, werd bekend dat Trump de verkiezingen gewonnen had. De fractievoorzitter van de PVV liep jubelend rond. Eindelijk een man naar zijn hart. Amerika, het grote voorbeeld, daar zouden ze nu af rekenen met het idee dat je iets aan klimaat moet doen, daar zouden de linkse gekken uit het Witte Huis worden verjaagd, met hun verderfelijke gedachten en gewoontes. Weg met wollig gepraat. Zeggen waar het op staat!

Ik volg het nieuws op de voet en hoop dat er rondom de twee over het paard getilde ego’s die Noord Korea en Amerika bestieren, mensen staan die hun hoofd koel houden. Mensen die begrijpen dat de welvaart en het welzijn van de bewoners van deze aardkloot gebaat zijn bij diplomatie en overleg. Maar ik houd mijn hart vast. Overal in de wereld schijnt het compromis “ouderwets en links” te zijn en elkaar de waarheid vertellen het adagium te worden. Zowel in de grote mondiale politiek als in de kleine lokale politiek.

In Twenterand is er sprake van een oliebollensoap. Het uit de bocht vliegen van een klein probleem. Een coalitie die vervolgens de oppositie aanvalt dat ze het imago van Twenterand aantasten, in plaats van verantwoordelijkheid te nemen voor nogal absurd beleid waarop proactief geacteerd had kunnen worden. Humor had ook geholpen.

Als directeur van het ROC had ik een collega die in staat bleek op de meest moeilijke momenten, als er echte hommeles dreigde in het directieberaad en de “haantjes heren” elkaar met verhitte koppen naar het leven stonden, een relativerende en hoogst humoristische opmerking te maken waardoor ontlading mogelijk was in een lach. De spanning ebde weg.

Dergelijke bestuurders ontberen we vandaag de dag op lokaal, nationaal en mondiaal niveau. Geen de-escalatie maar uitdagen, ophitsen en opstoken lijkt het repertoire van Noord Korea en Amerika maar ook van anderen.

Stanislav Petrov heeft voorkomen dat er een derde wereldoorlog kwam. Op 26 september 1983 heeft hij de opdracht om een nucleaire aanval van Amerika te melden, waarna passende maatregelen genomen kunnen worden, zoals de befaamde druk op de knop. Als zijn systeem alarm slaat besluit hij te melden dat er een systeemfout is, hij besluit om zeker niet de grote (schietgrage) leider hierover in te lichten, waarmee een zekere ramp voorkomen wordt.

Er is de brandweer en er zijn pyromanen. Voor de volgende verkiezingen, waar dan ook, hoop ik op een brandweerman of vrouw met gevoel voor humor.

Anneke Beukers,

Staten.annekebeukers@hotmail.com

 

 

20 september 2017

Water

Een primaire levensbehoefte, water. Je kunt langer zonder eten dan zonder vocht. En wij hebben in Nederland goed water, lekker water. Het lijkt zo normaal. Eigenlijk denken we er niet over na als we de kraan openzetten welk een groot voorrecht ons te beurt valt als daar dan schoon helder water uit komt.

In 2003 was er in Twente de Vredestein brand. Behalve veel schade voor het bedrijf en de onmiddellijke omgeving, blijkt als snel dat er nog een ramp is gebeurd. De drinkwaterput aldaar is niet meer te gebruiken.

Sinds die tijd is er een zoektocht naar een nieuwe drinkwaterlocatie. Op dit moment halen we zelfs water uit Duitsland.

Na een verkenning van 73 mogelijke locaties, is die getrechterd naar steeds minder gebieden, waarbij Vitens en de provincie uiteindelijk zijn uitgekomen in Vriezenveen en Daarle.

Ik zit de commissie voor waarin het voorstel om deze locatie definitief te kiezen besproken wordt. Zes insprekers hebben zich gemeld. Dat is voor de voorzitter altijd lastig en leuk. Lastig omdat het tijdschema gevaar loopt, leuk omdat er interactie is met de Statenleden en insprekers die verrassend en interessant zijn. De insprekers hebben bovendien ook heel verschillende inbreng en referentiekader. Opvallend is dat een aantal een voorschot neemt op wat nog komen gaat. Kan bij de verdere uitwerking, waarbij in het zoekgebied de drinkwaterputten worden vastgesteld, een werkwijze gevonden worden waarin de verschillende belanghebbenden een plek krijgen? Een mooi voorstel. Na de insprekers schors ik een kwartiertje zodat de Statenleden en insprekers nog even met elkaar in gesprek kunnen. Wanneer de debatronde weer begint lijkt de werkwijze van een gebiedsregisseur goed te landen, ik denk dat dit het wel gaat worden.

Veertien jaar om een goede locatie te vinden, en als dit volgende week wordt aangenomen, dan volgt nog een lange procedure, de schatting is ettelijke jaren, voordat de locaties van de putten zijn aangewezen en het daadwerkelijk waterwingebied is. Al die tijd zijn we deels afhankelijk van onze oosterburen voor het drinkwater. Tegelijkertijd trekt Vitens aan de bel. De intensieve veehouderij, vooral de mest en de gewasbestrijding, bedreigt de kwaliteit van het huidige en overige drinkwater. Wat betekent dat in de toekomst voor de levering van goed water en vooral voor de prijs, wanneer de zuivering veel meer vraagt. En wie betaalt dat, degene die vervuilt, of de afnemer. Voorlopig raken we over water nog niet uitgepraat.

Anneke Beukers,

Staten.annekebeukers@hotmail.com

 

Vlag

13 september

Als ik ’s avonds langs het Indië terrein rijd in Almelo zie ik de vlag met het grote Hakenkruis, een onderdeel van de uitvoering “het verzet kraakt”, hangen. Mijn adem stokt even. Onheilspellend.

Na de bijna dromerige weken start in een klap het werk en het Statenjaar weer op. Alsof de weken ervoor moeten worden ingehaald. Aan het eind van de week hoor ik de verzuchting: “Vakantie, ik weet niet eens meer wanneer dat was”, terwijl we nog maar een week begonnen zijn. De griffie van de Staten is druk bezig met de voorbereiding van de democratiedag op zaterdag. Ik ben er de zaterdag al vroeg. Op het grote park achter het provinciehuis staan tenten met vrolijke vlaggetjes en parasols. Het oogt vriendelijk en uitnodigend, zij het dat donkere wolken aan de hemel al dit moois lijken te gaan bederven.

Dat valt mee, duizenden bezoekers weten de weg te vinden naar het provinciehuis. Gezinnen met kinderen halen een emmertje strooizout, ze doen mee aan de simulatie bij het rijden op een parcours onder toeziend oog van veilig verkeer. De streekmarkt heeft zich binnen geposteerd, vanwege de weersomstandigheden. Een prachtige tentoonstelling over democratie is te vinden op de brink. Deze tentoonstelling gaat in aanloop naar de gemeenteraadsverkiezingen op reis naar verschillende gemeenten. Prachtige oude posters van Statenverkiezingen in 1923, de aankondiging van het vrouwenkiesrecht. Op scherven van bloempotten mogen aanwezigen een naam schrijven van een politicus die het veld zou mogen ruimen. De bak zit goed vol. Er is een peiling over wie wel of niet zou mogen stemmen; 16 jarigen?, veroordeelden?, mensen die in Nederland wonen maar geen Nederlands paspoort hebben? Bij zo’n punt ontstaan interessante dialogen. Van 10.30 tot 12.00 uur zijn alle buren in de omliggende flats en woningen uitgenodigd op de koffie. Ze willen wel eens een Statenlid in het “echie” zien, of nog leuker de commissaris. Het is een geweldig gezellige boel, waaruit blijkt dat de buren niet alleen het provinciehuis en de inwoners niet kennen, maar ook elkaar niet. In velerlei opzicht nuttig.

De meest gehoorde opmerking is dat men niet weet wat de provincie doet en hoe het beleid kan worden beïnvloed.

Met zere voeten en een schorre keel wordt het vier uur ’s middags en luiden we met een barbecue met alle Statenleden, met GS en met de medewerkers het laatste volle Statenjaar van deze periode in. We hopen en verwachten dat deze dag nieuwe ambassadeurs voor de democratie heeft opgeleverd, dat lijkt hard nodig nu fascisme de kop weer op lijkt te steken. Ik wil die akelige vlag niet in het echt zien.

Anneke Beukers,

Staten.annekebeukers@hotmail.com

 

9 augustus

“Het komt wel goed Oma” zegt mijn kleinzoon, als ik zeg dat de vaat van het muurtje waait. Ik schiet in de lach. Vijf jaar, de rest is aan het gooien met een bal en ik heb me opgeworpen om de vaat te doen. Dat betekent met een teiltje naar het sanitaire blok klimmen en daar, veelal met anderen, af te wassen. Alleen gaat vele malen sneller dan met de hulp van een vijfjarige, maar dat laatste is uiteraard gezelliger. Er is verder niemand. Hij legt alles wat hij afgedroogd heeft op het muurtje dat om het blok staat, hetgeen betekent dat hij steeds verder weg moet lopen om zijn schone spullen nog kwijt te kunnen. Er staat bovendien een harde mistralwind, die de deels plastic vaat makkelijk kan doen wegwaaien.

Dezelfde middag zei hij bij het zwembad toen ik de mini tomaatjes uit mijn tas toverde: “kom maar op, ik ben er klaar voor”

Geen idee waar ze het vandaan halen, maar het blijft grappig. Ik houd erg van de gezamenlijkheid van een camping, mits ik maar niet hutje op mutje met de tent moet staan. Deze camping heeft grote plekken, relatief weinig plaatsen. Dochter, schoonzoon en kinderen staan met hun tent aan een andere kant van de camping en we zien elkaar bij het zwembad, het winkeltje of het sanitaire blok. Privacy en toch gezelligheid.

Kleindochter is hevig geïnteresseerd in allerlei beesten. Tot mijn grote schrik pakt ze griezels op om ze nader te bestuderen en zo komt ze meermalen met een enorme kever, spin of andere beest in haar handjes om ze te laten zien. Omdat ik het pedagogisch onverantwoord acht om te gillen, laat ik dat achterwege, maar ik heb het er niet op. Maar oma, ze doen echt niets, zegt de zesjarige. Mmm, mompel ik dan maar. Een steek of prik maakt haar niet schuwer; “dat kon de bij toch niet weten, dat ik niets zou doen”, is haar verklaring. Een moedige tante.

En dan is er de tweejarige die zindelijk gemaakt moet worden tijdens de vakantie. Een handig moment. Op een zeker moment begint hij te plassen en wordt hij vakkundig op het potje gepoot. Echter zijn piemeltje kiest een andere weg. Stop, roept hij zo hard als hij kan, stop. Het duurt nog even voordat hij door heeft dat hij rondom dat onderwerp zelf aan het roer zit.

Een week vertoeven we sinds een paar jaar samen, daarna vertrekken wij. Dat leidt ertoe dat de jongste een middag lang bij het zwembad elk grijs hoofd omhoogtrekt om te inspecteren of daar toch niet opa of oma onder zit. Daarna is dat verdriet al weer vergeten. Vakantie, heerlijk.

 

27 juli

Winkelen

Mijn moeder was dol op winkelen. Afkomstig uit de stad kwam ze na omzwervingen terecht in Zuid Oost Drenthe in de jaren vijftig. Nou niet bepaald een mekka van fijne winkels. Toen ze op latere leeftijd verhuisde naar een plaats waar een winkelcentrum was, waar je even een kopje koffie kon drinken en langs de kon winkels drentelen, was ze de koning te rijk. Helaas voor haar heb ik niets daarvan meegekregen. Ik begrijp de lol niet om vrijwillig in een winkelstraat te lopen als ik niets nodig heb. Is dat laatste wel het geval ga ik gericht ergens naar toe en probeer zo snel mogelijk een besluit te nemen. Boodschappen doe ik bijna nooit, maar ik ben wel blij, gezien ons drukke bestaan dat de vroegere winkeltijden zijn opgerekt. Overigens vind ik dat dit voor meer diensten zou mogen gelden, het is nogal vervelend dat ik vrij moet nemen om naar een tandarts, arts, pedicure moet gaan. Gelukkig zie ik daar ook beweging in komen. Zoveel mensen, zoveel zinnen. Buitengewoon verbijsterend lijkt mij dan ook de opstelling van het college van Twenterand dat vanwege van de kleur van het college zondagopenstelling van winkels verbiedt, daar waar de ondernemersvereniging Vroomshoop specifiek tot die uitkomst was gekomen. Democratie is meerderheid, rekening houdend met de minderheid.

Op de laatste Statenvergadering gebeurde iets soortgelijks. Wanneer een of twee partijen vragen een punt aan de agenda toe te voegen wordt dat door de regel gehonoreerd. In dit geval was hierover door 50+ en ons ook al ruimschoots van tevoren aan de andere partijen gevraagd dit te steunen. Onderwerp, de besluitvorming over de diepe ondergrond en de raadsbrieven van de gemeente Hardenberg en Enschede, waaruit bleek dat zij niet waren betrokken hoewel GS dit wel had beweerd. De coalitiepartijen, met uitzondering van de CU gaven geen antwoord. GS stuurde wel een brief. Op de Statenvergadering verhinderen drie van de vier coalitiepartijen gesteund door de PVV dat GS hierover wordt bevraagd. Ook een interpellatiedebat wordt door dezelfde partijen weggestemd. Terwijl een interpellatiedebat altijd wordt gesteund. Democratische spelregels die niet worden gevolgd, maar een macht van een meerderheid gebruiken voor een oneigenlijk doel, in dit geval een Gedeputeerde uit de wind houden, voorkomen dat er kritische vragen worden gesteld over haar optreden. In het geval van Twenterand, een bestuur dat er zit namens geheel Twenterand, een eigen godsdienstige opvatting opleggen aan anderen. Daar is democratie in mijn ogen niet voor bedoeld. Desalniettemin, je zult me ook op zondag niet zien winkelen

Anneke Beukers

 

12 juli

Schuld

In de winkel staat ze voor me. Ik zie haar nauwkeurig het geld uittellen, uit de bijna lege portemonnee. Mijn blik glijdt over de boodschappen op de band. Geen enkel luxe artikel, geen chips, (fris)drank. Ik ken haar van vroeger, weet hoe lang de weg geweest is om uit de schulden te komen. Tegenwoordig ziet ze er goed uit, al zal het geen vetpot zijn, ze redt het.

Vanuit mijn jeugd weet ik maar al te goed wat schulden zijn. De stress bij mijn ouders, angst om de huur niet te kunnen betalen. Het ene gat met het andere dichten herken ik. Ik herinner de tranen van mijn moeder toen mijn broer een gat in zijn door haar zelf genaaide nieuwe broek viel. “Ach kind”, zei ze, op zijn verschrikte gezicht.

Bij Jinek gingen twee goedverdienende Nederlanders “los” op het experiment met bijstandsuitkeringen door enkele gemeenten. Ik kan er slecht tegen, merk ik. De bijstandsuitkering is een standaardbedrag. De omstandigheden van de mensen die hier een beroep op moeten doen zijn echter allesbehalve standaard. De reden waarom ze het krijgen verschilt eveneens. Voor sommigen betekent het een tijdelijke opvang, voor anderen een situatie die tig jaren duurt, soms generaties. Bij het kijken naar de uitzending mis ik elke vorm van compassie of zelfs maar de moeite om je een moment in te willen leven. Het oordeel is klip en klaar. Uitvreters. Bijstand maakt mensen lui. Terwijl elk onderzoek bewijst dat dit grotendeels onwaar is. Armoede en vooral schuld maakt je gestrest. Heeft een behoorlijke impact op de gezondheid. Armoede maakt helaas ook dom. Concentratiestoornissen leiden tot slechtere schoolprestaties. Kinderen uit gezinnen met armoede en schulden hebben een slechte start. “Ondernemerszin wordt niet gestimuleerd met bijstand”, schampert men op de tv. Ondernemers? Schuld is een verdienmodel. Er zijn bedrijven die een schuld van €1000,- opkopen voor €40, om vervolgens die schuld tien of vijftien jaar later, wanneer iemand net de kop weer boven water heeft, te innen. Inmiddels is die schuld dan “opgelopen” tot duizelingwekkende hoogte, waardoor de getroffenen van het ene op het andere moment weer diep in de puree zitten. Dat noem ik misdadige ondernemers.

Armoede of liever gezegd de angst daarvoor is de voedingsbodem geweest voor mijn ambitie. Nog steeds antwoord ik wel eens, als iemand me vraagt, waarom ik (nog steeds) veel werk, dat ik me ooit heb voorgenomen nooit arm te worden. Tegelijkertijd weet en besef ik dat alleen ambitie niet voldoende is. Een beetje geluk, de juiste mensen die de hand uitstaken zijn van grote invloed geweest. Een barmhartige omgeving is een belangrijke voorwaarde voor succes. Die trof ik niet aan

 

 

1 juli 2017

Groepsfoto

Een Statenvergadering met bijna geen punten. Erg raar. En bij het enig belangwekkend punt, de bodem geeft de Gedeputeerde aan dat ze de gemeente goed meegenomen heeft in haar afweging wat waar in die bodem mag. Bestuurders (op de tribune) beweren het tegenovergestelde. Dat is niet alleen raar, dat is buitengewoon opmerkelijk.

Ook opmerkelijk. Inmiddels hebben we drie nieuwe fractievoorzitters en heeft afgelopen woensdag het tiende Statenlid het ontslag ingediend. Dat betekent dat ruim 20% van de Statenleden inmiddels vervangen is. En twee Statenleden worden vervangen wegens ziekte. Als je de website van de provincie bezoekt en de link Provinciale Staten aanklikt verschijnt er een groepsfoto waarop een flink deel van de mensen die er op staan inmiddels niet meer als Statenlid werkzaam zijn. Is het erg? Ja en Neen. Natuurlijk staat het iedereen vrij om te gaan en te staan waar hij wil. En op zich heeft eenieder ook een legitieme reden om te vertrekken, in ieder geval voor zichzelf. Echter, Statenleden worden gekozen voor een tijdperk van vier jaar. De kiezers zouden in principe erop moeten kunnen vertrouwen dat het gekozen lid zijn best doet om de periode vol te maken. Bij vertrek betekent het dat portefeuilles herverdeeld moeten worden, de woordvoerders veranderen. Kortom, niet alleen binnen de fractie waar gewisseld wordt heeft het veel impact, ook bij de andere fracties levert het gedoe op. Om nog maar niet te spreken van de inwerkperiode die nodig is om het politieke handwerk onder de knie te krijgen. We worden er met zijn allen niet blij van, maar het blijft bij die constatering.

Erg bijzonder is dat deze Statenperiode de werkbezoeken en infosessies niet voldoende bezocht worden. Vergeet men zich in te schrijven, is het niet interessant? Regelmatig worden leuk opgezette bijeenkomsten afgezegd vanwege te weinig belangstelling. De griffie is aan het zoeken naar een of meerdere redenen. De kleinere fracties is in ieder geval een mogelijke oorzaak. Je kunt maar bij een ding tegelijk zijn en op de woensdagen is het heel gebruikelijk dat er drie, vier of zelfs meer bijeenkomsten worden gepland. Maar ligt daar wel de oorzaak?

Iemand die vertrekt wordt toegesproken door de nestor. In ons geval is dat dhr. Van Dijk van de SGP. Op buitengewoon humoristische wijze weet hij het vertrekkende Statenlid te karakteriseren. Alleen daarom al zou je eerder willen vertrekken, verzuchtte iemand. Hij is al sinds mensenheugenis Statenlid en met zijn ervaring wijst hij regelmatig droogjes op een ordentelijke behandelwijze. Bijna niemand zit langer dan twee periodes, nu lijkt zelfs een periode al te lang. Ik pleit niet voor “plucheklevers”, maar iets meer continuïteit zou hoogst opmerkelijke zaken soms kunnen doen voorkomen.

 

30 mei 2017

Wat is er mooier dan extase

Drie weken geleden kwamen we terug van een weekje vakantie in Valencia. We landden relatief laat op Schiphol, tenminste als je de trein naar Almelo nog wilt halen. Vijf over tien ’s avonds en dan de trein halen van vijf over half elf. Het lukt. Op Amsterdam Zuid stappen veel jonge mensen in. Ik begrijp absoluut niet waarom op een maandagavond een trein zo laat in de avond zo druk kan zijn. Bij het volgende station wordt de aankondiging van het station voorafgegaan door, in mijn ogen “lawaai”. Ik denk eerlijk gezegd dat de conducteur per ongeluk een verkeerde speaker heeft aangezet, hoewel de hilariteit en het rumoer in de trein me beter had moeten laten weten. Bij het volgende station gebeurt hetzelfde, muziek, althans iets wat daarvoor door gaat en daarna de aankondiging van het station. We kijken elkaar eens aan. Een mevrouw tegenover ons verklaart op het zien van onze verbaasde blik dat de ingestapte jongelui concertbezoekers zijn en dat de speakers steeds een stukje van desbetreffende artiest te berde brengn en daarna, tot groot genoegen van het treinpubliek, pas het aanstormende station. Onmiddellijk begrijp ik het. Wat is er mooier dan een gedeeld concert of een voorstelling.

Twee weken geleden zag ik Herman van Veen in Hardenberg. Bij het liedje Anne voel ik tranen op mijn wangen, herinneringen aan lang vervlogen tijden, toen we ook in zijn zaal zaten. Zijn letterlijke roeren op de trom om een aanklacht te doen tegen de god die blijkbaar nog steeds verbiedt dat zijn Anne, nu een volwassen vrouw, met een vrouw getrouwd is, leidt ertoe dat ik weer natte ogen krijg.

Een bewonderd muzikant, die een zaal kan bespelen, ontroeren, aan het denken zet. De jongelui in Manchester gingen naar mijn stellige overtuiging ook voor dat gevoel, het gevoel dat je met zijn allen een ontroering deelt, of een extase, van iemand die je raakt. De artiest is tijdgebonden, het fenomeen niet.

En ik stel me voor dat je als ouder buiten staat te wachten, tot ze er uit komen.

Geen god, geen Allah zou die glans in hun ogen toch willen doven? Terroristen gebruiken geloof als dekmantel voor hun gemankeerde opvattingen. Juist Engeland kent dit fenomeen van aanslagen als geen ander, binnen dat continent waren de bloedige aanslagen van de IRA schering en inslag, een oorlog tussen christenen onderling, de katholieken en de protestanten. Althans zo waren ze tegen elkaar opgezet door politici. Laten we in vredesnaam stoppen elkaar wijs te maken dat terrorisme zijn oorsprong heeft in de beginselen van welke godsdienst

ook maar concluderen dat verdorven mensen, waaronder politici en machthebbers datzelfde geloof gebruiken als dekmantel voor hun eigen bedorven ideeën.

 

Anneke Beukers,

Staten.annekebeukers@hotmail.com